Het recht op een trampolinepremie kan een hulpmiddel zijn bij heroriëntatie, maar het is geen algemeen of automatisch recht. Hoe werkt het?
Tot nu toe werd je na vrijwillig ontslag of verbreking met wederzijdse toestemming uitgesloten van het recht op werkloosheidsuitkeringen (voor een periode van 4 tot 52 weken, op basis van het oordeel van de auditeur, tenzij een wettige reden werd erkend door de RVA). De programmawet van 18 juli 2025 voert het "recht op trampolinepremie" in. Die regeling gaat in op 1 maart 2026 en laat werknemers die zich willen omscholen of die hun carrière een andere wending willen geven toe om ontslag te nemen en gedurende een bepaalde periode, onder strikte voorwaarden, werkloosheidsuitkeringen te ontvangen. Deze maatregel bevordert dus de beroepsmobiliteit en vermindert de obstakels voor omscholing, maar het gaat in geen geval om een algemeen recht: het recht op de trampolinepremie is een doelgerichte en uitzonderlijke maatregel.
Toekenningsvoorwaarden
Om de trampolinepremie te kunnen ontvangen, moet je als werknemer voldoen aan meerdere voorwaarden:
- Je moet minstens 3.120 arbeidsdagen tellen, dat is ongeveer een beroepsloopbaan van 10 jaar.
- Je kan dit recht slechts één keer uitoefenen over je hele loopbaan.
- Werknemers die vrijwillig ontslag willen nemen of die een verbreking in onderlinge overeenstemming ondertekenen, moeten de zaak voorleggen aan de RVA (met risico op een sanctie van 4 tot 52 weken). Het recht op de trampolinepremie kan pas nadien ingeroepen worden, mits men voldoet aan de andere twee bovenstaande voorwaarden. De werknemer moet dan binnen de 30 dagen na de betekening door de RVA een aanvraag tot omzetting van de uitsluiting indienen bij zijn werkloosheidskantoor.
Deze maatregel bevordert dus de beroepsmobiliteit en vermindert de obstakels voor omscholing, maar het gaat in geen geval om een algemeen recht ...
Duur van de uitkeringen
De trampolinepremie geeft recht op werkloosheidsuitkeringen gedurende maximum zes maanden, die verlengd kunnen worden met een bijkomende periode van zes maanden als de werknemer binnen de drie maanden na het ontslag start met een opleiding voor een knelpuntberoep en deze opleiding met succes afrondt.